3a. Verantwoording: hoe kom je tot de vraagstelling?

De vraag is eenvoudig. Het antwoord verdient een belichting van meerdere aspecten:

  1. De huidige arbeidsmatige werkwijze is in 1987 van start gegaan. De ontwikkelingen zijn per groep en per deelnemer heel verschillend.Groepen gaan daarnaast ieder een eigen weg. Hoe kun je een extra bijdrage leveren aan de voortgang in het proces naar een volwaardig arbeidsmatig dagcentrum.
  2. De accommodatie van het huidige dagcentrum is heel erg beknopt en niet ingericht op arbeidsmatig werken. De knelpunten daarin zijn binnen iedere groep en iedere dag voelbaar.
  3. De personele bezetting vraagt om een antwoord op de vraag welke deskundigheden in de toekomst moeten worden aangetrokken, indien de specialisatie van deelnemers en groepen zich verder ontwikkelt.
  4. De financiële situatie biedt naast consequenties m.b.t. bezuinigingen in de toekomst ook extra mogelijkheden om (meer) creatief om te gaan met de beschikbare gelden dan tot dusver.
  5. Het jaarlijkse begrotingsplan zoals dat door het hoofd wordt opgesteld en door de directie wordt gefiatteerd, vormt een prima middel om het dagcentrum een jaar lang verantwoord draaiend te houden. Maar meer ook niet. Indien er een visie op de toekomst bestaat, dient het jaarlijkse begrotingsplan daar een duidelijk onderdeel van te zijn.
  6. De vragen van de toekomst voor zover ze nu (reeds) voorzienbaar zijn, dwingen ons tot een heroriëntatie op hetgeen vandaag in het dagcentrum plaatsvindt en in hoeverre met dat pakket ook die vragen te beantwoorden zijn.

A. t/m F. hebben tot de conclusie geleid dat er in de toekomst tot een geheel nieuwe opzet moet worden gekomen. Met behoud van de waardevolle keuzes uit het verleden, maar zonder de ballast van erfenissen en cultuur uit het verleden.

De vraagstelling zelf was even simpel als veelomvattend:

Hoe zou het dagcentrum COLORIET er in 1995 uit kunnen zien.

Met opzet is gekozen voor het woordje ‘kunnen’. Wij realiseren ons immers enerzijds dat zelfs dit rapport een momentopname is en niets meer, terwijl anderzijds de personeelsleden die gewerkt hebben aan dit rapport er wellicht in 1995 helemaal niet bij zullen zijn.

3b. Toekomstbeelden naar je toe halen...